Verkiezingsmarkt in Gorinchem: partijen grijpen laatste kans om kiezers te overtuigen

Gepubliceerd op 15 maart 2026 om 11:40

De politieke partijen in Gorinchem kregen zaterdag 14 maart een van hun laatste kansen om kiezers te overtuigen. In aanloop naar de verkiezingen organiseerden zij een verkiezingsmarkt in het centrum van de stad. Daar hoopten de partijen nog twijfelende kiezers te ontmoeten en hun plannen voor Gorinchem toe te lichten.

De politieke partijen stonden met hun kraampjes in de Botersteeg. Dat bleek een goede keuze, mede vanwege het voorspelde slechte weer. Voor inwoners die nog niet wisten op wie zij wilden stemmen, was dit een plek om informatie te krijgen. Hierbij trokken de partijen alle uit de kast om de kiezers te overtuigen. Zij konden vragen stellen, kennismaken met kandidaten en horen wat de partijen de komende jaren voor de stad willen betekenen.

Uiteindelijk viel het weer mee. De partijen konden daardoor ook de winkelstraten in om met voorbijgangers in gesprek te gaan.

Ook aan de jongste bezoekers was gedacht. In de passage konden kinderen zich laten schminken en werden er verschillende presentjes uitgedeeld. Zo probeerden de partijen op een toegankelijke manier aandacht te trekken en inwoners te laten nadenken over hun stem bij de verkiezingen op woensdag.

Voor de partijen was de verkiezingsmarkt een belangrijk moment in de laatste dagen voor de verkiezingen. Door persoonlijk contact hoopten zij kiezers te overtuigen en duidelijk te maken waar hun partij voor staat. In de middag liet zelfs de zon zich zien, waardoor het ook gezellig druk werd in de stad.

Tijdens de markt waren verschillende kandidaat-raadsleden aanwezig. Zij vertelden over hun ideeën over onderwerpen zoals wonen, veiligheid, verkeer en de toekomst van Gorinchem. Voor inwoners was het een kans om rechtstreeks met politici te spreken en hun mening te geven over wat er beter kan in de stad.

Of de verkiezingsmarkt daadwerkelijk extra kiezers heeft overtuigd, zal blijken bij de verkiezingsuitslag op woensdagavond.

foto: Ineke Koning